Natuurhistorisch & Volkenkundig

 
NVM Oudenbosch

Fossiel voetspoor

fossiel voetspoor

Op de modderige kustvlakte van Winterswijk liepen in de Muschelkalktijd zo’n 180 miljoen jaar geleden allerlei dieren op zoek naar voedsel. De pootafdrukken die in de kalkmodder zijn bewaard gebleven, zijn van een kleine sauriër.
In die tijd werden de sauriërs nog geen meter groot. Pas zo’n honderdmiljoen jaar later hadden ze de omvang bereikt die tegenwoordig zo tot de verbeelding spreekt.

Pootafdrukken worden ichnofossielen genoemd. Ze ontstaan als het sediment waarin ze voorkomen en het sediment dat bovenop de sporen ligt niet helemaal gelijk is (bijvoorbeeld zand en klei), omdat anders de twee sedimentlagen niet meer te onderscheiden zijn en één structuurloze laag gaan vormen. Sediment is heel fijn afval van gesteente dat door weer en wind het laagste punt opzoekt. Uit de sporen kunnen het gewicht, de snelheid van voortbeweging, de bekkenbouw en soms zelfs de ouderdom en eventuele verwondingen van het dier worden afgeleid.