Natuurhistorisch & Volkenkundig

 
NVM Oudenbosch

Coracias garrulus

Coracias garrulus

De Scharrelaar (Coracias Garrulus) is één van de allermooiste vogels die heel soms in Nederland gezien wordt. Ongeveer zo groot als een gaai, maar dan felblauw met bijna turkoois blauwe vleugels. Oogverblindend.

De scharrelaar bevindt zich vaak op een hoge uitkijkpost, van waaruit de vogel zich op een prooi stort. Naast grote insecten zoals libellen, kevers en sprinkhanen worden ook kleine dieren zoals amfibiën, hagedissen en jonge muizen gegeten. Het broedgebied beperkt zich tegenwoordig tot het Middellandse Zee-gebied en enkele delen van Oost-Europa. Ze overwinteren in Afrika. In Nederland komt de scharrelaar alleen voor als dwaalgast.

Het aantal scharrelaars in Europa is de laatste decennia sterk afgenomen, in de 19e eeuw broedden ze zelfs nog tot in Zweden, terwijl ze nu in Midden-Europa nauwelijks meer te vinden zijn. De Europese populatie is tussen 1990 en 2005 zelfs met 30% afgenomen. Tussen 1800 en 1996 zijn er 62 bevestigde waarnemingen in Nederland gedaan waarvan er 11 (12 exemplaren) tussen 1980 en 1996. Het laatst werden in juli 2011 twee vogels (!) gespot in de buurt van het dorpje Zuidland.

De Broeders van St. Louis hadden in hun collectie drie Scharrelaars. Daarvan bestaan er nog twee, waarvan in elk geval eentje in de 19e eeuw in Baflo (Groningen) is gevangen.

Dit object staat de hele maand september centraal. Kom kijken in het Natuurhistorisch en Volkenkundig Museum en ontdek nog véél meer.