Natuurhistorisch & Volkenkundig

 
NVM Oudenbosch

Rozenkrans

 rozekrans

In de Rooms Katholieke Kerk is de maand oktober gewijd aan de Rozenkrans. De keuze van deze maand hangt samen met de liturgische gedachtenis van Maria van de Rozenkrans op 7 oktober. Deze viering werd ingesteld door de heilige paus Pius V in 1571. Hij had de christelijke overwinning van de Slag bij Lepanto (7 oktober 1571) toegeschreven aan het bidden van de rozenkrans.

De rozenkrans of paternoster (wat “Onze Vader” betekent) is in de traditie van de Roomskatholieke kerk een gebedssnoer (met 15 grote en 150 kleine kralen), dat wordt gebruikt voor het rozenkransgebed. Dit gebed bestaat uit het bidden van het Onze vader (15 x) en het Wees Gegroet (150x). Tijdens dit gebed overweegt men het leven, de dood en de verrijzenis van Christus. 

De oorsprong  van het rozenkransgebed moet worden gezocht in de vervanging van het psalmgebed van de monniken: in plaats van de 150 psalmen werden door de ongeletterde gelovigen stereotiepe gebedsformules, zoals het Onze Vader, gezegd.

Aan de oorspronkelijke rozenkrans van 150 kleine, afgewisseld met 10 grote kralen, is later een aanhangsel toegevoegd. Dit bestaat uit een Kruis, een grote en drie kleine kralen. Bij het bidden wordt met het aanhangsel begonnen.

Door de nadruk op de actieve deelname van alle gelovigen aan de eredienst (met name sinds het Tweede Vaticaans Concilie) is het rozenkransgebed met zijn meditatieve inslag met de psalmen wat op de achtergrond geraakt. Aanvankelijk domineerde daarbij het Onze Vader, maar omstreeks de 14e eeuw werd in het westen het Weesgegroet het dominante gebed en werden bij de grote kralen het Onze Vader gebeden en bij de kleine kralen het Wees Gegroet.

Rozenhoedje

In plaats van het volledig rozenkransgebed is nu een verkorte vorm ervan (een derde gedeelte) en een kleiner snoer met 5 grote en 50 kleine kralen met het aanhangsel in gebruik, het zgn. rozenhoedje, ook wel rozenkrans genoemd. Men bidt dus het rozenhoedje aan de hand van de hedendaagse rozenkrans.

In de sterke Mariadevotie van de late Middeleeuwen werd het rozenkransgebed al snel populair. Allerlei legenden over het gebed deden de ronde.

Aan één daarvan ontleent het gebed (dus ook het snoer) zijn naam. Volgens de bewuste legende neemt Maria de Weesgegroeten uit de monden van de dienaren aan, om ze als rozen aan een snoer te rijgen. Met dit snoer bekranst ze zich vervolgens: de rozenkrans.