Natuurhistorisch & Volkenkundig

 
NVM Oudenbosch

Ohumba van de Himba

himbavrouw namibie

Het belangrijkste sieraad voor de vrouwen van de Himba-stam in Namibië is de ohumba, een schelp die aan een ketting om hun nek hangt, als symbool voor vruchtbaarheid.

Het betreft een Conus Suratensis, een in zee levende slakkensoort uit het geslacht Conus. De slak behoort tot de familie Conidae.

Net zoals alle soorten binnen het geslacht Conus zijn deze slakken roofzuchtig en giftig. Zij bezitten een harpoenachtige structuur waarmee ze hun prooi kunnen steken en verlammen.

Dit traditionele volk is één van de laatst overgebleven natuurvolken in dit deel van Afrika. Deze van oorsprong nomaden wonen in het noordwesten van Namibië en leven voornamelijk van vee. Himba’s besteden veel aandacht aan hun uiterlijk. Daarmee laten ze zien in welke levensfase ze zijn. Zo dragen gehuwde vrouwen bijvoorbeeld een kroontje van geitenvel op hun hoofd. Ongehuwde vrouwen zijn te herkennen aan een klein, gebogen en gevlochten staartje op hun hoofd. Himba-vrouwen smeren hun lichaam vaak in met een mengsel van rode oker, kruiden en vet. Ook hun haren smeren ze hiermee in. De oker zorgt voor de typische rode kleur op de huid. Bovendien beschermt het mengsel hen tegen de zon. Bijzonder detail is dat Himba-vrouwen zich nooit mogen wassen!

Voor een lekker aardappeltje met bloemkool en een gehaktballetje moet je niet bij de Himba’s zijn. Hun voedsel bestaat voornamelijk uit zure melk en maïs. Ze maken er bijvoorbeeld maïspap van. Als het ze lukt om groenten te verbouwen eten ze dit ook. Het vee dat ze bij zich hebben wordt alleen geslacht bij hele speciale feesten, zoals een bruiloft. Het hele dier wordt dan gekookt!

Tegenwoordig verdienen de Himba bij door zich te laten fotograferen door toeristen. De Namibische overheid werkt hard om de infrastructuur van het land te verbeteren. Een gevolg hiervan is dat de Himba minder dan voorheen in afzondering leven. Daardoor wordt hun traditionele levenswijze meer en meer beïnvloed door andere culturen. Dit wordt ook door de overheid bevorderd; kinderen mogen niet in de traditionele kledij naar school (voortgezet onderwijs). Kinderen die willen doorstuderen worden daardoor gedwongen hun traditionele kleding af te leggen.